Gedicht uit: Wulk – Opstaan (oktober 2022)

dinsdag, september 20th, 2022

het licht was zacht
leek van vloeipapier

je was zo stil
die zomer
jong donderglas

wat als de wolken niet wit
maar zwart?
hoe leer je een tamme rat
gebarentaal?

stil was je, een stoere
engel zo taai
als trekdrop

ik weet nu
dat ook engelen
kunnen knappen

Het vertrek van een broer

vrijdag, september 22nd, 2017

Het vertrek van een broer
 
Zijn voorhoofd glom in lentezon
er was geen ontkennen aan: de dood
stond er met zwarte letters op geschreven.
 
Zijn vingers, knokig van het knokken
tegen schaduwbeelden in zijn harde kop,
klampten zich als grauwe pastinaken
aan zijn nachthemd vast waarin geen zakken zaten.
 
Rond het bed: zijn pijp, zijn mes,
de jas die de kamer reeds lang niet meer verlaten had.
Ik had hem om de brief gevraagd, zijn lippen vormden woorden.
Ik wuifde zijn bezwaren weg, niemand die het hoorde.
 
Zijn kin die langzaam zakte op de smalle borst,
het gerochel uit zijn bleek gelaat,
de mond vol bellenblaas en ik die het zo liet.
Die wist van brief, van broer en oud verraad
en dit donker rovershol verliet als een gebeten hond.

23.

maandag, oktober 24th, 2016

Gedachteloze dagen volgden
een vrouw op een brug
alles hield op te bestaan
en de wind waaide
het water stroomde
regenwormen ploegden zich door
de bewegende aarde
vogels maakten nesten
mensen sloten vriendschappen
of begonnen een oorlog om niets
om macht, om eer, om bodemstoffen

de aarde draaide, de zon scheen of
de maan, kinderen werden ziek en
herstelden, brood werd gebakken
monden gevoed
het vuur laaide en doofde
kortom alles hield op
en ging door waar het mee bezig was
zoals het hoorde

een vrouw bleef achter
op een brug, telde de nerven
in haar hersenen
telde er elke dag wat minder
wat niet gaf, want ze vergat
het aantal van de dag ervoor
en ook dat was niet zo erg

Drijven

dinsdag, september 1st, 2015

Mijn moeder is een eiland
in de tijd
ik zag de ouders van mijn vrienden
ouder worden
ze kregen kwalen, rimpels, ze klaagden
als bejaarden of lagen in
een ziekenhuis

mijn moeder niet, zij is een eiland
waar ik naartoe drijf als de stroming
het mij toestaat

als jij doodgaat, dan vermoord ik
je, riep ik met overslaande stem
van jeugdigheid en ik was bereid
het zelf te geloven

maar nu ik hier sta, aan de rand
van je graf en zand op hout
hoor vallen heb ik spijt

dat ik in die tijd niet zei:
als jij doodgaat, sterf ik zelf
en mama, ik ben bang. Neem me

in je armen, kus me, streel mijn haren
jij bent mijn eiland voor altijd

we lachen harder
dan eigenlijk kan

Uit: Om je schouders hang ik de nachten (Van Gennep, 2015)

De bijen

donderdag, augustus 27th, 2015

Wij waren meisjes

wij konden alles worden

 

we droomden van zwarte paarden

van een eigen bureau met laatjes

we hinkelden door kantoren

aten ongewassen druiven

 

we zagen reeën, het goud

viel van hun ruggen

en alleen wij konden dat horen

 

wij waren alles

zouden iemand worden

personen met agenda’s en ideeën

met een huisje van koek in ons eigen bos

 

we stalen kleine dingen

die we best

konden betalen

 

de zomers waren lang en

we waren laat op straat

niemand zou ons kelen

 

er waren buurvrouwen en

bij de bakker kreeg je ongevraagd

het warme kapje in je hand

 

we vingen tussen bekers

bijen in springbalsemienen

ze zoemden hoog en daarna laag

ze waren niet kwaad als we ze lieten gaan

we droomden van zwarte paarden

in een wei vol paarse klavers

 

wij konden alles worden

Aan de zoon die ik nooit had

zaterdag, juni 14th, 2014

ik raap de galm
van je voorhoofd
uit je voeten scheur

ik de stegen
om je schouders
hang ik de nachten

voor jou wenk ik
vijfentwintig
zwaluwen om je

te vergezellen
op je smalle schip
en zeven maal vijftien

knopen leer ik je
knopen met je
ogen dicht

ik zet de aarde
nader rondom
jouw gezicht

god wat lijk je
op je vader

zaterdag, juni 16th, 2012

illustratie Annemiek van der Steen

Erard               
– renovatie –

Houten lichamen
herbergen klanken
wachten op een meester
die hen wakker maken kan

Sluimerende kasten
dragen de belofte van geluid
tranen waren er
om tegenslagen

Geduldig staan
in schemerdonker
rug aan rug
oude heren
in stille herinnering
aan wat was

Weblog van Annemiek van der Steen

Keuze van stadsdichter Ester Naomi Perquin

zaterdag, november 12th, 2011

Lees je

omdat je wacht?

Of wacht je

omdat je

nog niet

bent uitgelezen?

De letters

houden je

vast.

Nu kun je weg.

Bijna.

Nu echt.

Herdenk de stad

zaterdag, mei 14th, 2011

Hoe
Hoe kan het
Hoe kan het dat
Hoe kan het dat steeds weer
dat mensen steeds weer
dat mensen steeds weer mensen
dat zij toen
hier
hier in deze stad
dat zij toen steeds weer
hier in deze stad deze lichte stad
die toen
steeds weer
deze donkere lichte stad
bange verbrande stad
dat mensen hier
toen in de donkere stad
rennende mensen
rennend in het volle donker
dat toen de volle donkere stad
dat toen
het donker zonder mensen
steeds de stad
de vallende stad
steeds weer

nu
de lichte stad
de stad
tussen rivieren
en singels
waarin wij zorgen
waarin wij mensen zorgen
waarin het niet zo zijn kan
niet zo zijn kan dat
onze lichte stad
waar altijd het licht
waar altijd het licht het donker
waar altijd wij het licht
waar mensen
wij
hier
nu
altijd het licht

voordracht ter gelegenheid van de dodenherdenking op 4 mei in de Sint Laurenskerk en tijdens de kranslegging te Rotterdam

Handen

zondag, februari 20th, 2011

De handen uit mijn klas
ze grijpen ze wijzen
ze slaan me ze stompen
ze houden me vast
ze duwen ze trekken
ze scheuren mijn jas

De handen van mijn moeder
ze aaien mijn haren
ze houden me vast
ze bellen naar school
ze naaien mijn jas
ze dragen mij naar bed

ze blazen een kus

ze doen het licht uit

Ik doe mijn handen voor mijn ogen
Gelukkig
Morgen is het zaterdag

Uit: BB-Denkt. BoekieBoekie i.s.m. Singer Laren museum
Geïnspireerd op het beeld van Twee handen gemaakt door Auguste Rodin in 1910